Algemene Ledenvergadering NAO

Centraal tijdens de bijeenkomst stond de presentatie van de nieuwe visie van de NAO. Uit gesprekken met leden, bestuur, medewerkers en stakeholders kwam duidelijk de behoefte naar voren aan een meer gezamenlijke koers en een sterker gedeeld narratief voor de sector. De aardappelsector heeft een goed verhaal, maar we vertellen het nog onvoldoende gezamenlijk. Te vaak opereren we versnipperd, terwijl juist de buitenwereld behoefte heeft aan duidelijkheid, richting en een herkenbare stem vanuit de sector.  Nederland behoort internationaal nog altijd tot de absolute top op het gebied van aardappelproductie, handel, veredeling en kennisontwikkeling, maar vanzelfsprekend is die positie niet meer. Regelgeving rondom stikstof, gewasbescherming en waterkwaliteit neemt toe, internationale concurrentie groeit en geopolitieke spanningen zetten handelsstromen onder druk. Tegelijkertijd ziet de sector dat de aardappel in het dagelijkse eetpatroon minder vanzelfsprekend is geworden. Daarin ligt juist ook een kans. De aardappel past perfect in de grote maatschappelijke thema’s van deze tijd. Het is een betaalbaar, voedzaam en relatief duurzaam product. In een wereld waarin voedselzekerheid en gezondheid steeds belangrijker worden, heeft de aardappel een enorm sterk verhaal. Maar dat verhaal moeten we wel nadrukkelijker vertellen.

Dit gedachtegoed is samengevat in de nieuwe visie van de organisatie: “De aardappel is een vitale bron van ons voedsel. Gedragen door een krachtige sector.” De missie daaronder is even compact als ambitieus: De NAO brengt de kracht van de aardappelbedrijven samen in één koers en één stem.” De strategie rust op vier pijlers: maatschappelijk draagvlak, politiek draagvlak, kennis & innovatie en nationale en internationale invloed. Binnen die pijlers wil de NAO nadrukkelijk minder reactief opereren. In plaats van vooral te reageren op maatschappelijke discussies en politieke dossiers, wil de NAO zelf de agenda zetten rondom thema’s als voedselzekerheid, duurzaamheid, gezondheid en economische waarde.

Tijdens de Algemene Ledenvergadering in Oosterbeek werd afscheid genomen van de voorzitter Arie Hammink. Hiermee kwam een einde aan een lange en bewogen periode van bestuurlijke betrokkenheid bij de Nederlandse aardappelsector. Hammink nam niet alleen afscheid als voorzitter en bestuurder van de NAO, maar beëindigde ook zijn werkzaamheden binnen de Commissie Pootaardappelen, waar hij meer dan twintig jaar actief was. In zijn afscheidswoorden blikte hij terug op een bestuurlijke loopbaan die teruggaat tot eind jaren negentig. Als blijk van waardering ontving Hammink vervolgens uit handen van Van den Oord de onderscheiding Solanum Tuberosum. Leon van den Oord volgt Arie Hammink op als voorzitter van de NAO. Erika den Daas wordt komend jaar vice voorzitter van de NAO en Maarten Kuijsten komt nieuw in het bestuur.

Tijdens het relatie event na afloop van de Algemene Ledenvergadering hield Paul Moers, reputatie en retaildeskundige, met veel vaart, stevige uitspraken en een flinke dosis overtuiging de aanwezigen een spiegel voor. Zijn presentatie over de wereld van groothandel, supermarkten, consumentengedrag en het in merken denken sloot goed aan op de nieuwe strategie van de NAO. Want waar de brancheorganisatie inzet op “één sector, één stem”, benadrukte Moers vooral de noodzaak om als sector veel scherper keuzes te maken in positionering, communicatie en innovatie.

Volgens Moers bevindt de voedselmarkt zich midden in een fundamentele omslag. De tijd dat aardappelen vanzelfsprekend onderdeel waren van het dagelijkse menu ligt volgens hem definitief achter ons. Hij schetste hoe consumenten in de jaren zestig nog maar een beperkt aantal bestedingscategorieën hadden, terwijl consumenten tegenwoordig hun geld verdelen over een explosie aan keuzes: streamingdiensten, technologie, reizen, gezondheid, lifestyle, maaltijdboxen, sport, influencers en digitale abonnementen. “Het probleem is niet dat consumenten minder geld hebben,” stelde Moers. “Het probleem is dat dat geld tegenwoordig over veel meer categorieën verdeeld wordt.” Daarmee raakt hij volgens hem direct de kern van de uitdaging voor de aardappelsector: hoe val je nog op in een overvolle consumentenwereld?

De sector kan zich niet langer permitteren om uitsluitend vanuit het perspectief van een bulkmarkt te denken, aldus Moers. De aardappel moet naar zijn idee weer emotionele waarde krijgen richting consument. Niet alleen als product, maar als oplossing: gezond, smaakvol, duurzaam, lokaal of gemakkelijk. Hij zag daarbij vooral kansen in gezondheid en authenticiteit. Consumenten keren zich volgens hem steeds vaker af van sterk bewerkt voedsel en zoeken “echte” producten met een geloofwaardig verhaal. Tegelijkertijd groeit de aandacht voor biologisch, vezelrijk eten en transparantie over herkomst. Volgens Moers past de aardappel uitstekend binnen die trends, maar vertelt de sector dat verhaal nog onvoldoende krachtig.

Innovatie hoeft niet altijd technisch te zijn. Soms zit vernieuwing juist in marketing, verpakking, presentatie of het creëren van nieuwe consumptiemomenten. De aardappelsector denkt op dat vlak nog te traditioneel, signaleert Moers. De sector moet volgens hem meer waarde toevoegen in plaats van uitsluitend volume najagen. Opvallend was dat veel van zijn aanbevelingen uiteindelijk terugkwamen in de nieuwe koers van de NAO: sterker communiceren, meer samenwerken in de keten, investeren in kennis, beter lobbyen, internationale trends volgen en de aardappel opnieuw positioneren als modern en relevant product. Of zoals Moers het in zijn slotwoorden samenvatte: “Het wordt nooit meer zoals het was.”

Janine Luten
Directeur

Voor meer informatie:

  • luten@nao.nl