Hoofdlijnenconvenant Gewasbescherming
NAO, 15-7-2026
Met het Hoofdlijnenconvenant Gewasbescherming zetten overheid, ketenpartijen en maatschappelijke organisaties een belangrijke stap richting een toekomstbestendige landbouw. De Nederlandse Aardappel Organisatie (NAO) tekent, via BO Akkerbouw, mee en ziet het convenant als een belangrijke basis om gezamenlijk verder te bouwen aan een duurzame aardappelsector.
Het convenant bevat afspraken om de milieubelasting van gewasbescherming terug te dringen, de waterkwaliteit te verbeteren en innovatie te stimuleren. De NAO onderschrijft het belang van deze maatschappelijke opgaven. Tegelijkertijd vraagt de verdere verduurzaming van de aardappelsector om werkbare oplossingen die ondernemers een realistisch handelingsperspectief bieden om de volgende stappen in de verduurzaming te zetten. Samenwerking tussen overheid, ketenpartijen, brancheorganisaties, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties is daarbij essentieel.
Voor de NAO is het convenant een belangrijke eerste stap. De organisatie blijft actief betrokken bij de verdere uitwerking van de afspraken, zodat deze leiden tot werkbare oplossingen die bijdragen aan zowel de maatschappelijke opgaven als een sterk aardappelcluster.
Vanuit die verantwoordelijkheid zet de NAO zich als belangenbehartiger, van de handel in pootaardappelen en consumptieaardappelen, in voor een sector die kan blijven investeren, innoveren en verduurzamen. Een sterk aardappelcluster is daarbij een voorwaarde voor verdere verduurzaming.
De kracht van ons cluster ligt in het samenspel tussen handel, kweekbedrijven, toeleveranciers, telers, brancheorganisaties, onderzoek, onderwijs en onafhankelijke kwaliteitsborging. Dit ecosysteem maakt het mogelijk om nieuwe kennis en innovaties snel te ontwikkelen en in de praktijk bij Nederlandse telers toe te passen en daarmee ervaring op te doen.
Daarom is het essentieel dat Nederland ruimte blijft bieden aan teelt, kennisontwikkeling en praktijkonderzoek. Zonder Nederlandse telers is er geen mogelijkheid om nieuwe, weerbare rassen te ontwikkelen, te testen en verder op te schalen.
Dit is in het belang van een wereldwijde verduurzaming. Zo is voor de teelt van aardappelen veel minder water nodig dan voor de teelt van bijvoorbeeld rijst. Nederlandse veredelaars werken aan nieuwe, weerbare rassen die beter bestand zijn tegen droogte en hitte.
Gezond plantmateriaal uit Nederland levert bovendien een belangrijke bijdrage aan de wereldwijde voedselvoorziening. Met Nederlandse pootaardappelen kunnen jaarlijks voor 800 miljoen mensen wereldwijd aardappelen worden geteeld. Duurzaam geteelde Nederlandse consumptieaardappelen vinden hun weg in Nederland, maar ook in Europa en daarbuiten. In landen buiten Europa vullen Nederlandse consumptieaardappelen de lokale productie aan.
Nederland heeft een aardappelsector waar we trots op mogen zijn. Het buitenland kijkt vol bewondering toe hoe het Nederlandse aardappel cluster is georganiseerd. Het is onze gezamenlijke verantwoordelijkheid om die positie te behouden en verder te versterken, zodat Nederland ook in de toekomst wereldwijd toonaangevend blijft in kennis, innovatie en voedselzekerheid. De NAO blijft zich daarom samen met haar leden en convenantpartners inzetten voor de verdere uitwerking van de afspraken, zodat de Nederlandse aardappelsector ook in de toekomst kan blijven investeren, innoveren en verduurzamen.